In Memoriam Jaap Kruithof
Jaap Kruithof, professor aan de faculteit letteren en wijsbegeerte is heengegaan.
Voor ons, moraalwetenschappers en wijsgeren in opleiding, maar ook voor andere studenten van nu was het direct contact met prof. emeritus Kruithof beperkt, met uitzondering van de sporadische lezingen waarop hij bij ons het vuur van de morele reflex ontstak. Dit betekent niet dat we niet van hem hoorden: hoe meer we wisten hoe uniek de wijsgerige opleiding in Gent is, hoe nadrukkelijker de aanwezigheid van prof. Kruithof werd.
De intellectuele arbeid van Jaap Kruithof is divers: naast zijn meesterwerken, De Zingever en Ethicologie, schreef hij een ruim aantal boeken, die varieerden van zware intellectuele arbeid, zoals in z’n dubbelwerk Arbeid en lust, tot populariserende werken, zoals Ingaan, Omgaan en Doorgaan met de dingen. Daarom was hij niet enkel bekend in het academisch milieu, maar genoot hij ook een welverdiend aanzien in bredere lagen van de maatschappij. Zijn maatschappelijke engagement betekende geen populariseren om het eigen ego te strelen, maar een bewuste keuze voor het propageren van een nieuwe en betere methode van denken, om tot conclusies te komen die veel ethischer en rechtvaardiger zouden zijn dan het kapitalistisch laissez-faire, dat volgens hem nog altijd te prominent aanwezig is.
Moraalwetenschappers en filosofen, maar ook de studenten van vroeger, nu en de toekomst, betaamt het vooral te concentreren op de grote werken, die de tand des tijds moeiteloos doorstaan. Laat ons nogmaals De zingever open slaan en aan een grondige studie te onderwerpen, want in degelijkheid en wetenschappelijkheid blijft het een mijlpaal. Nu nog is er nood aan het besef dat de mens zelf een actief wezen is, dat betekenis toekent, waardeert en handelt, en zo zin geeft aan zijn bestaan. Dit staat in schril contrast met de geestelijke verarming waaraan duizenden mensen zich tegenwoordig onderwerpen. De mens moet, in samenspel met het ecosysteem waar hij uit voortkomt en waar hij dus plichten tegenover heeft, zelf zijn lot in handen nemen, en het lot van anderen verbeteren. Door te werken, aldus Jaap Kruithof, wordt de mens een moreel wezen. Meer dan ooit is dit een belangrijke les: moraalwetenschap en filosofie is geen zaak van ijdel kijken naar de werkelijkheid, maar door gedreven analyse en wetenschappelijk werk de wereld kennen, en ze veranderen. Niet een manipulatie van de natuur zoals die tegenwoordig diezelfde natuur om zeep helpt, maar een verbetering van de omstandigheden van elk wezen op harmonische wijze.
Voor hypocrisie was bij professor Kruithof geen plaats. En hierover loont het om na te denken: hoe kan iemand menen dat hij voor zijn zaak opkomt als hij bij de eerste tegenstand al vlucht in stellingen als: ‘jij huldigt jouw mening en ik de mijne’? Waar mens en dier lijden, is geen plaats voor halfzacht protest. Wie Kruithof als een brulboei ziet, is grif verkeerd: professor Kruithof werd geleid door oprechte verontwaardiging over hoe we met de wereld omgaan. Dit is geen blinde woede, maar een gerechtvaardigde frustratie over wat er aan het gebeuren is. De filosofie van Jaap Kruithof was dan ook opgedragen aan de meest vertrapten, de zwaksten, zij die door een onverschillig systeem, in gang gezet door onverschillige westerlingen, uitgesloten zijn van arbeid en waardigheid. Maar de wereld verandert maar langzaam, op een tempo waarbij men de verandering niet opmerkt, waardoor men zou kunnen verleid worden door een cynisme. Daar deed professor Kruithof niet aan mee: hij weigerde de hoop te verliezen. Immers, ‘wie het bij de eerste tegenslagen opgeeft, versterkt het kamp van de gieren’ (Jaap Kruithof, Een wereld zonder stuurman, p. 211).
Professor Kruithof stond samen met professor Leo Apostel aan het hoofd van een nieuwe generatie filosofen, en een fundamenteel nieuwe methode van onderzoek, één die zich nog steeds aan het ontwikkelen is. De waarde van moraalwetenschap als wetenschappelijk project blijft verworven, ook al heeft de richting te kampen met verzet en desinteresse van buitenaf. Dit is geen reden om de zaken te laten rusten: de mensheid heeft nood aan een rationele methode om het morele fenomeen te begrijpen, en zelf zo moreler te denken en te handelen. Want in tegenstelling tot vele filosofen in andere landen, was de Gentse filosofie geen ijdel nadenken, maar geëngageerd ten opzichte van de mensheid.
Zo zal Jaap Kruithof bekend blijven, als een geëngageerde, menslievende en eminente filosoof. Ik vermoed dat, zijn levensvisie herdenkend, de beste manier om hem te eren een actieve manier is. Dat we vooruitkijken, dat we zien dat de moraalwetenschap verder ontwikkeld kan, moet, en zal worden, en dat we onze vuist opheffen tegen het onrecht dat de mens de anderen aandoet. Dat we dat vuur overkrijgen, om wetenschappelijk grondig en maatschappelijk geëngageerd onze taak te vervullen, om een ethischere wereld te bereiken. Dat we als filosofen en moraalwetenschappers voorbij onze gedachtenkastelen wandelen en de noodlijdenden, mens en natuur, werkelijk steunen. Want op deze wereld komt het aan.
“Er is altijd een ‘leven na Jaap Kruithof’ geweest. Dat zal ook zo zijn na zijn emeritaat. Voor welk mens zou, alles goed in overweging genomen, zoiets niet gelden? De ‘grote goden en de machtige bosgeesten’, om eens met de woorden van de betreurde Leo Apostel te spreken, bewaren ons ervoor dat het ooit anders wordt, dat we aan starre en niet te overschrijden voorbeelden van zedelijkheid en verantwoordelijkheid ten prooi zouden vallen. Is het niet het unieke en onvervangbare – het reversibele – van een aanwezigheid die haar gedenkwaardig maakt? Worden we niet precies daardoor genodigd haar te overschrijden? Laten wij het ook Jaap Kruithof bereiden, waarbij we ons herinneren dat hij nooit hoog opliep met navolgers, laat staan met naäpers” (Liber amicorum: Over Jaap Kruithof gesproken, p.9)
Laten we blijven de herinnering aan deze unieke mens koesteren.
Laten we blijven het Gentse project verderzetten, niet omwille van Jaap Kruithof, maar dankzij Jaap Kruithof.
